Clamchowder, een zijdezachte maaltijdsoep met kokkels

Het is zowat tien jaar geleden dat we op reis waren in het waanzinnig mooie Nieuw-Zeeland. Terwijl het hier stevig aan het winteren was vlogen we voor drie weken naar de gulle zomerzon van eind december, begin januari aan de andere kant van de wereld. Ik zou uren kunnen vertellen over die prachtige reis. Het was er prachtig, indrukwekkend, en super gezellig. De wijnen waren heerlijk, de hotels indrukwekkend, en we hebben er echt heel lekker en puur gegeten.

En ik herinner me nog goed de eerste maaltijd. We hadden een ontzettend lange reis achter de rug, want waren door de sneeuw naar Frankfurt moeten rijden omdat de luchthaven van Zaventem door het gure winterweer afgesloten was. Na een helse rit van bijna acht uur vlogen we in twee etappes naar de andere kant van de wereld, met een tussenstop in Singapore. En toen we arriveerden in Christchurch moesten we met onze huurauto meteen 6 uur rijden naar ons eerste hotel aan Lake Wanaka.

Een prachtige rit door de indrukwekkende bergen en dalen van het Zuidelijke eiland. Meer dan 400 kilometer puur natuur. En ik herinner me dat we bovenop één van de hoogste bergpassen, waar het ondanks het mooie zonnige zomerweer toch behoorlijk fris was en winderig een eerste tussenstop maakten, en daar een zalige clamchowder hebben gegeten, de specialiteit van het bergrestaurant, en één van de topgerechten van Nieuw-Zeeland.

Clamchowder is een dikke maaltijdsoep van kokkels die ik sindsdien geregeld ook thuis maak. Het is echt niet moeilijk om te maken, maar wel ontzettend lekker. Haal gewoon wat kokkeltjes in huis, en groentjes, en geniet van deze heerlijke zijdezachte soep die je zeker op winterse dagen een super gezellig gevoel zal geven. Smakelijk!

Bereiding

  1. Snij alle groentjes in brunoise.
  2. Doe al het sap van de kokkels uit blik bij de groenten en zet alles onder water.
  3. Laat koken tot alle groentjes en aardappelen gaar zijn.
  4. Laat in een andere schotel de boter smelten, en doe er de bloem bij. Laat al roerend bakken tot je de geur van koekjes krijgt. Pas op: niet laten aanbakken.
  5. Giet er de room bij en roer goed tot je een dikke structuur krijgt.
  6. Giet er vervolgens de groentjes met het sap van de kokkels bij en roer tot alles mooi bindt.
  7. Werk af met de kokkeltjes, die je even de warmte laat opnemen.
  8. Giet er op het laatste wat rode wijnazijn door en vergeet niet extra af te kruiden met peper en zout.
  9. Eventueel afwerken met wat peterselie.
  10. Serveer met crackers.